Lençóis Maranhenses

Maranhão is niet meteen de rijkste deelstaat van Brazilië. Van alle noordoostelijke staten staat Maranhão op de vierde plaats, nationaal op de zestiende. Er wonen ong. 6,8 miljoen mensen in dit deel van Brazilië. Een meerderheid van de bevolking is van Afrikaanse afkomst. São Luís, de hoofdstad, heeft iets meer dan 1 miljoen inwoners. Buurstaten zijn Piauí, Tocantins en Pará. De kustlijn is uitgestrekt over 640 km, hiermee de tweede langste van Brazilië (Bahia staat aan de top met 932 km).

Het ontbreekt wel niet aan een mooi natuurlijk landschap in Maranhão, geconcentreerd in drie belangrijke beschermde gebieden: het nationale park Chapada das Mesas, de Delta do Paraíba, het kleinere ecosysteem Floresta dos Guarás en het bekende nationale park Lençóis Maranhenses.

lencois-maranhenses-2

De Lençóis Maranhenses (letterlijk: beddenlaken van Maranhão) betreft een uitgestrekt duingebied (1550 km2) in het noorden van de staat, aan de kust. Deze, eerder zeldzame geologische vorming, is uniek in Brazilië, een soort levend kunstwerk dat ieder jaar wijzigt van uitzicht door de sterke winden. Het gebied werd in 1981 tot nationaal park verklaard door de Braziliaanse regering. De vaste en wandelende duinen strekken zich uit tot 40 km in het binnenland, waarmee ze ondanks de relatief hoge neerslag van ongeveer 1500 mm de enige woestijn van Brazilië vormen. De temperaturen liggen tussen 16°C en 36°C. De wind is vaak sterk. Vertrekpunt van tochten in het nationale park is Barreirinhas. Andere delen horen bij de gemeenten Humberto de Campos, Santo Amaro do Maranhão en Primeira Cruz, die allemaal deel uitmaken van de microregio Lençóis Maranhenses. Er zijn verscheidene lagunes in het gebied. Hun waterstand is afhankelijk van de regen. Na langere droogte zijn vele lagunes geheel uitgedroogd; Lagoa do Peixe en Lagoa Bonita bevatten echter altijd water.

Met een langzaam lijnschip of een boottaxi kan men van Barreirinhas langs de kust naar Caburé en Atins varen. Caburé ligt op een landtong tussen rivier en zee en bestaat slechts uit een handvol pensions. Atins is een klein plaatsje vanwaar men de Lençóis in kan wandelen. Vanuit de nabije vuurtoren heeft men een indrukwekkend uitzicht. Van Caburé kan men met een jeep door de Pequenos Lençóis naar Paulino Neves of Tutóia rijden.

lencois-maranhenses-1

Zoals eerder vermeld, de duinen en meren veranderen van uitzicht door de krachtige winden. Hierdoor zijn er geen uitgestippelde wandelpaden noch wegwijzers. Uitstappen in de Lençóis Maranhenses moeten dus altijd gebeuren in het gezelschap van een gids. Verscheidene toeristische agentschappen bieden vluchten aan met een klein vliegtuig aan betaalbare prijzen. Er bestaat nauwelijks of geen inspectie op deze vluchten en vliegtuigen, het is dus vliegen op eigen risico. De wandelingen in deze streek vergen fysieke inspanningen; in goede vorm verkeren is noodzaak.

rio-preguicas

Een uitstap via de rivier Rio Preguiças valt aan te bevelen. Met wat geluk (in drogere periodes is er enkel zand) kan u er genieten van de fraaie uitzichten van de “Pequenas Lençóis” (kleinere duinen en meertjes). Stop even in de bar “Tenda dos Macacos” (apentent) voor een hapje & drankje. Wel opletten, de veelvuldig aanwezige kleine aapjes maken er een sport van om de hapjes van de toeristen te ontfutselen.

Het vertrekpunt Barreirinhas, een kleine stad met iets meer dan 50.000 inwoners, heeft enige infrastructuur (banken, pousadas, restaurants, apotheken, supermarkten, lanhouses). De hoofdzetel van het nationale park bevindt zich op 2 km van Barreirinhas. De toegang tot het park is gratis en de taks voor toerisme is inbegrepen in de prijzen van de aangeboden uitstappen. Kleinere dorpjes verder weg (Mandacaru, Caburé, Atins…) zijn authentiek maar verwacht er niet dat uw smartphone er werkt. Betalen moet in cash en in de lokale pousadas is er geen warm water. Dit alles wordt echter goedgemaakt door het authentieke karakter en de ruwe schoonheid van de streek.